Jouw huid
roept zonder geluid
om aandacht. Wacht
naakt om te worden
geschaakt op een
koude winterdag.
Wit licht ligt
lijzig en ijzig
op je rillend
lichaam voor
het raam dat
open staat en
dat gesmoorde
woorden in wolkjes
naar buitenlaat.
Mijn handen
bevroren tot aan de randen
reiken maar bezwijken
in één halfslachtige
daad die in haar onmacht
nog diepere wonden slaat.
Ik sluit
voor altijd onbekwaam
het raam en haat
het witte licht
dat mijn zelfbeeld
kil en koel
ten gronde richt.
Ik hoor je huiveren
achter mij en weet
wij zijn voorgoed
voorbij.
Toon hield van het leven
Hij was in alles amateur
Eenvoudig in zijn streven
De ware gelukssouffleur.
25 mei zijn we er weer bij
Ieder mag een stem uitbrengen
in verplichte stilte en anoniem
om de klucht weer te verlengen
wij slippendragers van het regiem
Politiek wil geen stemmen horen
Het is net sport van ze te krijgen
om de meeste dwazen te bekoren
en ze dan gewettigd te doen zwijgen
Je kan niet kiezen wie je kan kiezen
zelfverklaarde minnaars van de macht
die eens verkozen uit het oog verliezen
welke belofte hen in dat pluche bracht
In de doodlopende straat van democratie
kleuren we als kleuters binnen de lijnen
Dit bloedarm toneel met ons als figuratie
stopt enkel als wij weigeren te verschijnen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten