Leven en laten leven. Terroristen lukt geen van beide. Dat ze het tweede niet kunnen is afschuwelijk en intriest, maar het eerste is dat evenzeer. En waarschijnlijk de oorzaak dat ze het tweede niet kunnen. Ze weten enkel waarvoor ze willen doden. Waarvoor ze willen sterven. Maar hoe leer je te leven zodat het leven iets dierbaar wordt en laten leven daar vanzelf uit voortvloeit? Ik weet het niet en dat verontrust me zo'n dikke week voor ik zelf weer les ga geven. Ik mag jonge mensen leren zinnen in stukken te hakken en benoemen. Ik mag hen leren dat ddt in alle verschijningsvormen verboden is. Ik mag hen leren dat synoniemen de taal verrijken en hun denken helpt nuanceren. Ik mag hen leren dat antoniemen zorgen voor contrast en diversiteit in taal en leven. Ik mag hen leren zich correct en gepast uit te drukken. Maar daar mag het niet bij blijven. Ik moet hen ook laten voelen dat taal de weg naar begrip kan zijn voor zichzelf en de ander. Dat woordenschat niet enkel goed voor punten is, maar het leven kan laten fonkelen. Dat geweld en frustratie vaak ontstaat wanneer taal een mens ogenschijnlijk in de steek laat en ontoereikend lijkt. Ik moet hen leren dat de Trumps en de al-Baghdadi's gebaat zijn bij het simplifiëren van de werkelijkheid en kleutertaalgebruik. Maar zullen ze zo leren leven? Zullen ze zo leren dat als ik hen vraag wat ze later willen worden, ze ook kunnen antwoorden: gelukkig. Of tevreden. Of wijs. De kans is klein. Al zou dat soms toch wat meer de focus van het onderwijs mogen zijn. Hoe leren we leven en hoe laten we leven.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten