Tussen de bladen
van romanverhalen
liet je de tijd verglijden
leerde je de sleur vermijden
die de dagen in zich droegen
die om diepgang en wijsheid vroegen
maar vooral keer op keer bewezen
dat ze alles waren behalve uitgelezen.
Tussen de bladen
groeiden letters als zaden
tot zinnen die betekenis gaven
aan de strijd tussen beginnen en begraven
tussen het droombare en wat is weggelegd
voor een vrouw die voor haar kinderen vecht
en als troost de diepte van haar verdriet
in talloze personages weerspiegelt ziet
Tussen de bladen
hadden schrijvers wel genade
hadden levensvragen een punt
waarop een antwoord werd gegund
Tussen de bladen
kon jij je een weg waden
tussen verlangen en verloren
kon je nog de vage echo’s horen
van een leven rond als een roman
waar een mens mens worden kan.
Tussen de bladen
voelde jij je nooit zo verraden
als nu door het ware leven
dat dreigt te eindigen
onuitgeschreven.
Nooit gedacht, maar blijkbaar liggen bij wiskunde de wortels van de macht.
In het diepst van mijn gedachten
daar verdwaal ik graag
terwijl ik zit te wachten
met steeds dezelfde vraag:
Wat is het dat ik wil
en dat schijnbaar nooit komt?
Ten antwoord blijft het stil
alsof alles rondom verstomt.
Dat moment is mij zo lief
want het begin van creatief
Dan wandel ik in mijn hoofd
tot die vraag langzaam dooft.
Ooit
schreef ik
een vers
zo belegen,
dat ik bijna
de voedselsinspectie
op mijn dak
had gekregen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten