De dag dat we er niet meer over zagen, zijn er geen sociale zekerheden meer.
Dankzij zijn afgemeten voorkomen wist de wiskundeleerkracht scherp uit de hoek te komen.
Het eigen gelijk
is als een vorm van slijk
dat hardnekkig aan je plakt
en waar je bij luiheid
alsmaar dieper weg in zakt.
Het meest hou ik van je buik
die eeuwige warmwaterkruik
waarop ik mijn hoofd wil vlijen
na een bezoek tussen je dijen
Het meest koester ik je buik
waar ik altijd de oorsprong ruik
van ons bollend blozend geluk
op zoek naar zachte tegendruk
Het meest bemin ik je buik
waar ik soms in je putje duik
louter adem en met de ogen toe
de wereld buiten je buik zo moe
Alles komt samen in je buik
waar ik rust en weer ontluik
na dagen droef of hoorndol.
Je buik blijft mijn toevluchtshol.
Ik wil mijn hoofd
op de binnenkant
van je dijen leggen
en nooit meer
ik moet nu weg
hoeven te zeggen.
In mijn stad slaapt een vrouw
zich zorgeloos door de winter heen
want deze stad is zichzelf trouw
en koestert cultuur in elke steen.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten