dinsdag 6 oktober 2020

6 oktober

 We zingen samen

hoe we de zon zien
zakken hebben in de zee.
We fietsen samen
en de herfst valt aller
hardvochtigst naar benee.
Je vraagt me of het weer
ons pest. En ik ontken: ze
doet gewoon haar best.
Wat zij denkt dat moet.
En net als bij mensen
is dat nooit
voor iedereen goed.
Dan zingen we voort samen
laten de zee zonnen
in een zak. We spelen
twee boerinnetjes en gaan
in de regen vrolijk uit ons dak.





























Alle begin is moeilijk. En elk einde is ook een nieuw begin. Zo komt aan moeilijk nooit een eind. Geniet dus van de tijd er tussenin.

Toen bleek dat zij de broek droeg
stond hij plots toch in zijn hemd
Niet dat hij daar lang over kloeg
Aan die frisse wind raakte hij gewend


De aan(deel)houder wint!




























Als er één woord is dat niet hoeft, dan is dat overbodig.

Ze wisselen dagelijks zinnen uit
hij vindt zijn inspiratie in het weer
zij vult haar zinnen met de kinderen
nooit spreekt daaruit behoefte naar meer
het is praten om de stilte te verhinderen.

In het postposttijdperk is het lot van de brief bezegeld.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten